In mei zijn we voor een paar weken naar Italië geweest. Deze reis kwam
een beetje onverwacht en we hebben ons niet echt voorbereid. Maar we hadden
een boek over Italië bij ons, dat Kees voor zijn verjaardag van vrienden
heeft gekregen. Hier hebben we goed gebruik van gemaakt. Omdat het niet zo warm
was, is het een beetje een culturele reis geworden, met een bezoek aan een aantal
steden.
We
vertrekken op maandag 28 april en rijden door Luxemburg en de Vogezen richting
Bazel. De nacht brengen we door op een camperplaats in Willer-sur-Thur, ongeveer
25 km voor Mulhouse. De teller staat dan op 600 km. Er is slechts plaats voor
één camper, net voor de kerk. Er is een Flot-bleu, waar je gratis
gebruik van kan maken.
De
volgende dag wordt het steeds droger en laat de zon zich steeds meer zien. We
besluiten daarom weer eens over de St.Gotthard-pass te rijden. Maar helaas gaat
dat niet, omdat deze nog gesloten is. Jaren geleden zijn we een aantal keren
naar Italië geweest, toen de tunnel er nog niet was en het was zo’n
mooie route. Maar ook als je door de tunnel gaat blijft er genoeg te genieten.
Er ligt nog veel sneeuw, maar dat zorgt wel voor prachtige uitzichten. Als we
na een aantal uren de Italiaanse grens passeren, zien we 2 schaapskuddes.
Over een vrij slechte weg rijden we via Milaan naar de stad Parma (bekend om
zijn Parmezaanse kaas en parmaham) waar we overnachten op de camperplaats.
|
|
FLORENCE
De volgende dag (Koninginnedag) gaan we over de tolweg door de bergen
(Apennijnen) naar Florence. Ook deze weg is niet geweldig;
veel bochten, slecht asfalt, smalle rijstroken en veel vrachtverkeer.
In Florence rijden we wat rond op zoek naar een parkeerplaats. We volgen
een bordje “Parking open bus” en komen op ‘parking Michel
Angelo’ terecht. Van daaruit kun je met een bus naar de binnenstad.
Maar je kan ook via trappen naar beneden. Dat doen wij. Het is een leuke
tocht langs de rivier de Arno. De afstand valt reuze mee.
Florence is een prachtige stad. Het historische deel van de stad is vrij
compact, zodat de bezienswaardigheden daar makkelijk al wandelend te bekijken
zijn.
Florence is de hoofdstad van de regio Toscane Het is de meest uitgesproken
renaissancestad van Italië. Nergens anders in Italië bevinden
zich zoveel gebouwen en kunstwerken uit deze periode. Het is dan ook een
van de bekendste cultuursteden van Europa.
De vele kerken, paleizen, pleinen en musea worden jaarlijks door talloze
toeristen bezocht.
Als we het centrum naderen komen we over een oude brug, waarop zich een
saxofonist heeft neergezet, die wat melancholische melodietjes speelt.
We wandelen langs het Battistero San Giovanni, dat is
de vrijstaande doopkapel tegenover de dom van Florence, oftewel de Santa
Maria del Fiore. Het behoort tot de bekendste baptisteria. Vooral
de bronzen deuren hebben een grote waarde en zijn erg mooi.
Ook nemen we een kijkje bij de beelden in het Loggia dei Lanzi . Dit is een beeldengalerij op het Piazza della Signoria, één
van de belangrijkste pleinen van de stad Florence. Aan dit plein staat
ook het Palazzo Vecchio.
Op de terugweg komen we over de Ponte Vecchio. Deze brug
is vooral bekend door de winkeltjes (vooral juweliers) die zich op de
brug bevinden en de gang die zich een niveau hoger op de brug bevindt,
zodat vroeger de adel kon oversteken, zonder in contact te komen met het
gewone publiek.
Terug op de parkeerplaats lopen we nog wat langs de vele souvenirtentjes,
die daar staan uitgestald. We gaan net als veel andere toeristen even
op de trappen zitten. Van hieruit heb je een prachtig uitzicht over Florence.
Onze hond trekt de aandacht van een 5-jarig meisje. Ze is hier met haar
Italiaanse vader. Beiden kunnen zowel Italiaans als Nederlands, want ze
wonen in Amsterdam. De vader is in Florence geboren en vertelt ons van
alles over deze stad. Waar een hond soms niet goed voor is.
Voor de nacht gaan we naar een camperplaats in Monteriggioni.
Dit middeleeuwse stadje dankt haar roem aan de uitstekend bewaard gebleven
stadsring, met 15 torens die op onregelmatige afstand van elkaar liggen,
en 2 stadspoorten. Het centrum ligt op een heuvel, de Monte Ala. |



|
SIENA
Op 1 mei brengen we een bezoek aan de plaats Siena.
Omdat veel mensen vrij zijn, moeten we een tijdje zoeken naar een geschikte
parkeerplaats. We vinden er één dicht bij het centrum, waar
de parkeerkosten wel wat hoger zijn. Maar we hebben geluk, want we hoeven
niet te betalen vanwege de 1-mei viering.
We bezoeken de Duomo van Siena en komen daarna via de oude middeleeuwse
straatjes uit op het Piazza del Campo. En zoals een echte
toerist betaamt, zetten ook wij ons even neer op dit plein om te kijken
naar het prachtige Palazzo Pubblico en de Torre
del Mangia.
Het Piazza del Campo is vooral bekend door de Palio, die hier twee maal
per jaar plaats vindt. De Palio delle contrade is een paardenrace, die
voor Siena zo belangrijk is, dat een Italiaans spreekwoord luidt: ‘Chi
dice Siena, dice Palio’ --> ‘Wie Siena zegt, zegt Palio’.
Siena
bestaat uit een labyrint van weggetjes, die heel erg op en neer gaan.
We hebben ons boek met plattegronden in de camper laten liggen en verdwalen
dan ook in dit doolhof van wegen. Omdat de honger begint te knagen, strijken
we neer op een terras voor de Duomo, die we wel terug hebben kunnen vinden.
Alles in Siena is gebouwd op schuine grond, dus ook de terrassen, waardoor
tafels en stoelen scheef staan en wij een beetje schuin zitten.
De mensen naast ons hebben een kaart, die we even te leen vragen en zo
vinden we de weg weer naar onze camper. Wat een geluk dat het 1 mei is,
anders hadden we de parkeertijd ruim overschreden.
|


|
Vanaf Siena gaan we naar Cortona, één van
de oudste en meest schilderachtigste steden van Toscane. Het is een stadje
boven op een berg met een muur eromheen. Dit stadje bestaat eveneens uit
een behoorlijke wirwar van oude straatjes en middeleeuwse gebouwen.
Ook hier zijn de parkeerterreinen overvol. Net als we weg willen rijden,
komt er een Italiaan uit zijn camper om te zeggen dat hij vertrekt. Dankbaar
nemen we zijn plaats in. Deze bevindt zich in de hoek van het parkeerterrein,
dicht bij het centrum, dat te bereiken is via een roltrap. Aan de andere
zijde hebben we een weids uitzicht over de Toscaanse vlakte.
We bezoeken deze mooie plaats en blijven hier ook overnachten. |
|
De volgende dag gaan we naar het Lago Trasimeno in Umbrië.
Voor een paar dagen laten we de steden voor wat ze zijn en strijken neer
op camping Villagio Intalgest.
Na 2 nachten gaan we weer op pad (4 mei) en rijden via Perugia naar Assisi.
We komen
door mooie plaatsjes. Ook hoog in de bergen zien we talloze dorpjes liggen. |
|
Bij Assisi is beneden een grote parkeerplaats, dus ook dit keer moeten
we weer een weg omhoog klauteren, maar het is de moeite waard. Weer komen
we in een prachtige plaats met straten vol geraniums en pleinen met klaterende
fonteinen. Het middeleeuwse karakter is goed bewaard gebleven. Er komen
veel pelgrims in Assisi ter nagedachtenis aan St.-Franciscus,
die hier geboren is. Al jong schonk hij zijn bezittingen aan de armen en
trok hij zich als kluizenaar terug. In alle souvenirwinkeltjes zijn beeldjes
te koop van de heilige Franciscus.
We brengen een bezoek aan de Basiliek van Sint-Franciscus, waar we een aantal
monniken tegenkomen. In heel de stad zien we veel monniken en nonnen lopen,
waarvan de meesten nog vrij jong zijn.
Assisi is in 1997 zwaar getroffen door een aardbeving en daarna weer gerestaureerd.
Dit is goed te zien aan de stenen van de gebouwen. Hoe verder we lopen,
hoe meer de gebouwen hun oorspronkelijke stenen nog hebben. |
|
Tegen de avond gaan we terug naar Perugia, waar we een camperplaats hebben
gezien. Het is daar erg druk, maar er is plaatst genoeg. Het is een grote
parkeerplaats en er is een losplek.
De dag erna rijden we naar Todi, ook alweer zo’n
mooi plaatsje, dat op een berg is gebouwd. We bezoeken dit plaatsje niet,
omdat we dan weer moeten klimmen. We stoppen wel even voor een bakje koffie
bij de Duomo en kijken er wat rond. Daarna rijden we langs een mooie route
door de bergen naar het Lago di Bolsena. In het bergdorpje
Cicita kopen we een brood, dat erg zwaar is en daardoor goed aan de prijs.
Maar het uitzicht tijdens onze lunch is fenomenaal. |
|
Als we onze reis vervolgen, zien we grote gaten in de rotsen, waar vast
en zeker ooit mensen in hebben gewoond. We komen door de plaats Bagnoregio,
waar we een camperplek zien, midden in het dorp. Na deze prachtige tocht
door de bergen, rijden we uiteindelijk naar het haventje van Marta met de
bedoeling daar te blijven op de in ons boek vermelde camperplaats. Helaas
is deze nergens meer te vinden. We lopen wat rond en zien wel een bord naar
een eventuele camperplaats. Beetje vreemd, want bij het haventje zelf staat
een bord: verboden voor campers. We maken nog een wandeling langs het water,
maar nergens is een camper of een camperplek te zien. Het haventje zelf
ziet er armoedig uit en de bootjes ook. In Griekenland en Frankrijk zagen
we soms grote en dure boten in de havens. In Italië hebben we tot nu
toe meer kleine vissersbootjes gezien.
We toeren maar weer door in de hoop een goede overnachtingsplek te vinden,
maar helaas. In de plaats Bracciano parkeren we uiteindelijk
onze camper op een parkeerplaats. Het begint te schemeren en we krijgen
honger. We blijven hier en zien wel wat er van komt. De volgende dag zien
we dat we vlak bij een ziekenhuis staan. We kopen een brood en rijden de
stad uit. Al snel zien we een mooie parking, waar we ontbijten. Aan de lampen
te zien, is deze goed verlicht en het uitzicht op de Umbrische weiden fabuleus.
We staan vlak naast een paar vakantiehuisjes. Een mooie overnachtingplaats,
maar ja …. we hebben al geslapen. |
|
Na het ontbijt gaan we een kijkje nemen bij het Lago di Bolsena. We bezoeken
een camping, die aan het meer ligt. Het waait echter zo hard, dat het overal
op de camping erg fris aanvoelt. Volgens ons is dit een leuke camping voor
in de zomermaanden, maar op dit moment zien we het niet zitten. Wij vinden
deze temperaturen meer geschikt voor een stadsbezoek en gaan naar Rome.
Wij rijden via de tolweg en ook deze is erg slecht en zit vol gaten. Ook
de invoegstroken zijn heel kort en vluchtstroken zijn er bijna nergens. |
|